Olga verdeelt haar leven tussen Amsterdam en Polen. In Amsterdam draait alles om studie, werk en vooruitkijken. In Polen zit iets anders: familie, vertrouwdheid, een ander tempo.
Ze groeide op in Polen, maar haar wereld werd al vroeg groter. Op een internationale middelbare school leerde ze schakelen tussen perspectieven, tussen manieren van denken en communiceren. Studeren in het buitenland voelde daardoor niet als een sprong, maar als een logisch vervolg. Amsterdam werd haar basis; een plek die niet alleen goed voelde, maar ook aansloot bij haar interesse in business en finance, en bij wat ze daarna wilde opbouwen.
Het schakelen tussen die werelden is inmiddels normaal geworden, maar voelt nooit helemaal vanzelfsprekend. Niet alleen praktisch, maar ook cultureel. Verwachtingen, tempo en hoe mensen met elkaar werken verschillen subtiel, maar merkbaar. Misschien is het juist die beweging, tussen landen en manieren van denken, die haar blik vormt op werk, technologie en de rol van bedrijven vandaag.
Van eerste telefoon tot altijd online
Technologie liep altijd al mee, maar begon klein. Een simpele Samsung met toetsenbord, bedoeld om bereikbaar te zijn tijdens schoolkampen. Daarna een logge laptop die ze als kind kreeg, en die jarenlang haar vaste plek werd om te studeren, te tekenen en te spelen. Nu is alles verbonden. Studeren, werken en communiceren lopen in elkaar over via schermen. Juist daardoor voelt ze ook scherper wat het met haar aandacht doet.
Tijdens een periode thuis in Polen merkte ze hoe vanzelfsprekend minder schermtijd kan zijn. Minder prikkels, minder automatisch grijpen naar een telefoon. Sindsdien stuurt ze haar gebruik bewuster: apps niet meer zichtbaar op haar startscherm, tijdslimieten en minder posten. Niet om afstand te nemen van technologie, maar om er grip op te houden.
AI-tools zoals Claude en Gemini passen in datzelfde patroon. Ze gebruikt ze om sneller te beginnen, om ideeën te verkennen of om structuur aan te brengen. Tegelijkertijd blijft ze zelf zoeken, vergelijken en verdiepen. In die zin is er weinig veranderd; alleen het tempo en de manier waarop.
Werk is meer dan werk
Wat haar drijft in werk zit niet in titels of status, maar in betekenis. Bijdragen, leren en zien dat wat ze doet ergens landt. Bij Open Commerce vond ze dat eerder dan verwacht. Niet door grote beloftes, maar door hoe ze vanaf het begin werd behandeld. Als iemand die meedoet, niet iemand die toekijkt. Het voelde vanaf het begin alsof wat ik deed echt telde, en dat maakte alle verschil.
Die ervaring wordt ook gekleurd door de context waarin ze werkt. Verschillen in communicatie, hiërarchie en verwachtingen zijn niet altijd expliciet, maar wel voelbaar. Juist doordat ze tussen landen beweegt, merkt ze hoe relatief “normaal” eigenlijk is — en hoe belangrijk het is dat bedrijven daar bewust mee omgaan.
Het gevoel dat je ertoe doet, blijkt essentieel. En juist dat wordt volgens haar vaak onderschat. Bedrijven investeren in zichtbare dingen, zoals cultuur, branding en faciliteiten, maar vergeten soms hoe fundamenteel het is om mensen serieus te nemen in hun werk. Voor haar generatie zit daar een duidelijke verwachting. Niet per se minder hard werken, maar wel bewuster. Begrijpen waarom iets gedaan wordt en wat de impact is. Gezien worden, niet alleen ingezet.
In e-commerce ziet ze een vergelijkbare spanning. Bedrijven zoeken naar structuur en schaal, terwijl de praktijk vraagt om flexibiliteit. Klanten verschillen, context verandert continu en strategieën moeten daarin meebewegen. Zeker in een internationale context wordt dat verschil zichtbaarder. Wat werkt in de ene markt, slaat niet automatisch aan in een andere. Culturele nuances, zoals hoe mensen keuzes maken, vertrouwen opbouwen of aangesproken willen worden, spelen daarin een grotere rol dan vaak wordt aangenomen. De bedrijven die opvallen, zijn niet per se de luidste, maar degene die goed aanvoelen wanneer ze moeten aanpassen en wanneer ze juist richting moeten geven.
Duurzaamheid, druk en de wereld om haar heen
Duurzaamheid is voor haar geen los thema, maar iets wat doorloopt in kleine keuzes. Waar iets vandaan komt, hoe het gemaakt is en of een bedrijf verantwoordelijkheid neemt. Niet perfect, wel bewust. Diezelfde bewustheid speelt ook op grotere schaal. De wereld voelt dichtbij. Conflicten, politieke spanningen en leiderschap zijn geen abstracte thema’s, maar iets wat directer binnenkomt, zeker met Polen zo dicht bij de grens met Oekraïne.
“Wij raken eraan gewend om steeds te schakelen tussen werk, social media en alles wat er in de wereld gebeurt, maar soms voelt dat best zwaar.”
Tegelijkertijd is er een andere druk, die minder zichtbaar is maar constant aanwezig. De continue stroom van prestaties via LinkedIn en Instagram. Succes dat altijd zichtbaar is en altijd dichtbij lijkt. Vergelijken gaat automatisch, ook als je weet dat het niet realistisch is. Ze merkt dat ze daar bewuster mee om leert gaan, maar het verdwijnt niet. Het hoort bij deze tijd. Wat volgens haar vaak verkeerd wordt begrepen, is dat dit niet leidt tot passiviteit. Integendeel. Haar generatie wil werken, wil leren en wil zich bewijzen. Digitale tools versnellen dat proces, maar vervangen die motivatie niet.
Wat bedrijven vaak missen
Wat bedrijven volgens haar nog te weinig laten zien, is wie ze eigenlijk zijn. Niet als merk, maar als groep mensen. Mensen willen begrijpen met wie ze te maken hebben. Zelfs een bedrijf met een ogenschijnlijk simpel product kan interessant worden als het laat zien wie er werken, hoe ze denken en waarom ze doen wat ze doen. En dat geldt nog sterker wanneer je internationaal opereert. Wat in de ene cultuur vanzelfsprekend is, kan in een andere afstandelijk of onduidelijk overkomen. Juist daar maken kleine verschillen het grote verschil.
Daar zit ook de link met e-commerce en digitale ervaringen. Producten en platforms worden steeds efficiënter, maar juist daardoor wordt het menselijke verschil belangrijker. Waarom kies je voor dit merk en niet voor een ander dat in principe hetzelfde biedt? Verhalen maken dat verschil. Niet perfect geproduceerde campagnes, maar iets dat echt voelt.
Als ze vooruitkijkt, ziet ze AI als een logische volgende stap. Niet als iets dat alles verandert, maar als iets dat processen soepeler maakt: minder zoeken, minder ruis, meer relevantie. En misschien ligt daar ook de kern van hoe zij naar vooruitgang kijkt. Niet als iets dat steeds meer toevoegt, maar als iets dat ruimte creëert.